Home Algemeen Het Koor Agenda Leden Archief De Pers Johannes Passion Informatie Uitvoerenden Poster De Pers Contact G. van den Broek Tel. 0165-399746 |
Passie muziek: een muzikale of religieuze beleving? Door Monique Meeuwisse Op het gebied van passiemuziek, muziek die geïnspireerd op het lijdensverhaal van Jezus is gecomponeerd, bestaat in Nederland een rijke traditie. Vooral de vele jaarlijkse uitvoeringen van de Matthäus en Johannes Passion van Johann Sebastian Bach zijn daarbij erg populair. De geschiedenis van passiemuziek gaat echter verder terug tot in de middeleeuwen. De passiemuziek die in de loop der eeuwen werd gecomponeerd, vertoont daarbij dezelfde verscheidenheid en stijlontwikkeling als de ontwikkeling van muziek in het algemeen. Ook hedendaagse musici worden nog steeds geïnspireerd om passiemuziek te schrijven of uit te voeren. Ieder heeft daarbij wel zijn eigen reden om dit te doen. Voor de een kan dit vanuit louter religieus oogpunt zijn, een ander kiest puur uit muzikale belangstelling voor het genre. Bij koorleider van Hét Concertkoor en zanger Alex Vermeulen (57) uit Bergen op Zoom staat louter de muziek centraal bij zijn keuze om jaarlijks een passieconcert te verzorgen. ,,Het is toevallig zo dat alle componisten die passiemuziek of requiemmuziek geschreven hebben, hierin steeds het beste van zichzelf hebben gegeven. Passiemuziek en requiemmuziek zijn daardoor altijd erg bijzonder. Het requiem van Mozart hoort bijvoorbeeld echt tot de topstukken van deze componist.’’ Voor Vermeulen hoef je beslist niet religieus te zijn om passiemuziek te zingen: ,,Je komt natuurlijk niet onder de religieuze invalshoek uit maar het gaat om de emoties. En emoties zijn universeel. Je moet je kunnen inleven in wat de componist bedoeld heeft.’’ De leider van Hét Concertkoor stelt dat het jaarlijkse passieconcert van zijn koor dan ook niet vanuit religieus standpunt wordt gegeven maar puur omdat het koor met zijn uitvoeringen aan wil sluiten bij alle grote jaarlijkse gebeurtenissen zoals kerstmis en de dodenherdenking. Daarbij vindt Vermeulen het ook een uitdaging om naar muziek te zoeken die minder bekend is. ,,Ik wil nieuwe dingen ontdekken maar houd wel rekening met de smaak van het publiek. Als ik een super modern werk ga brengen dat minder direct in het gehoor ligt, is de kans groot dat een deel van het publiek afhaakt.’’ Voor dit jaar heeft Vermeulen zijn oog ondermeer laten vallen op de Stabat Italiano van Nicola Zingarelli voor sopraan, mezzo, tenor en lage strijkers uit 1807-1808. ,,Ik ontdekte deze muziek in Italië. Zingarelli heeft wel 30 Stabat Maters geschreven. Van deze vond ik alleen een partituur. Spelend op de piano ontdekte ik dat deze muziek zonder meer de moeite waard is. Een echte tijdgenoot van Rossini, maar ook de invloeden van Pergolesi, Rossini en de klassiek componisten is hierin terug te vinden. Volgens mij wordt het een primeur van dit werk in Nederland. Verder voeren we ook de Stabat Mater van Joseph Haydn uit. ’’ De Bredase componist en dirigent van Cappella Breda, Daan Manneke (70), noemt de passietijd een tijd van beschouwen en naar binnen gekeerd zijn: ,,Ik vertoef daarbij graag in het kille harde rivierlandschap rond mijn huis. Ik houd van dat koude passieseizoen. Het muzieklandschap wordt in die tijd voor mij gedomineerd door Bach en zijn immense ‘passiemuzieken’. Ik kies daarbij voor de kleine ‘protestantse’ kamermuziekachtige bezettingen zonder toeters en bellen.’’ Met zijn kamerkoor begon Manneke 9 jaar geleden met een serie ernstige muziek in de Hervormde Laurentiuskerk in Ginniken op Palmzondag: ,,Meestal geen specifieke passiemuziek maar een concertserie met een duidelijk karakter van ernst en inkeer. Het grote aantal bezoekers geeft aan dat hier duidelijk behoefte aan is. Dit jaar staat centraal een topwerk uit de historie: Musikalische Exequien van Heinrich Schütz, begrafenismuziek voor zes solisten en zesstemmig koor.’’ De oorspronkelijk uit Roosendaal afkomstige componist en koordirigent van Sacra Musica, Martyn Smits (31), staat qua muzikale en religieuze beleving van de passiemuziek dicht bij Manneke. ,,Passietijd anno 2010 heeft voor mij te maken met onvoorwaardelijke genegenheid en bezinning. Ik denk dat de samenleving hier behoefte aan heeft. Genegenheid is voor mij wederzijds respect en interesse. Ook bezinning is belangrijk: tijd nemen voor verdieping en rust. Ik pleit ook voor diepgang. Deze aspecten zoek ik in de Passiemuziek.’’ Dit jaar zoekt Smits de verdieping en rust vanuit het perspectief van Maria en haar onvoorwaardelijke liefde. De jonge musicus durft het aan om dit te doen met eigentijdse muziek van Kees Schoonenbeek en Eric Whitacre: ,,In het Stabat Mater van Schoonenbeek ( onze uitvoering is de première) worden we echter ook aangesproken. Naast een theologische verklaring, die ik graag aan geestelijken overlaat, zie ik in deze muziek ook een aanspraak op onze collectieve verantwoordelijkheid tot genegenheid voor elkaar. De tranen van Maria zijn onze tranen; verdriet over een verlies aan ideologie en een verlies aan vertrouwen in en genegenheid voor elkaar. Maar het zijn ook tranen van hoop. Die hoop klinkt door in dit werk van Schoonenbeek maar ook in het 8- stemmige intense Lux Aurumque van Eric Whitacre. Vanuit de dissonantie gloeit er licht op.’’ Omdat passiemuziek voor Smits een duidelijk moment van bezinning is, voert hij met zijn koor dit werk uit met een liturgisch component die omkleed worden met delen uit de Deutsche Messe van Franz Schubert. Smits voorzag deze delen zelf van een nieuwe spannende instrumentatie voor koperkwintet. Hans Smout (66) uit Bergen op Zoom is 48 jaar in zijn woonplaats als kerkmusicus verbonden geweest aan de Lievevrouweparochie. Dit jaar wordt hij tijdens de oecumenische Passie Cantatedienst met passiemuziek van Schütz en Buxtehude in de Gertrudiskerk voor het eerst opgevolgd door Marcel van Westen. Smout volgt echter nog nauwgezet de uitvoering van Hortus Musicus Religiosus: ,,Voor mij is het uitvoeren van kerkmuziek echt een combinatie van artisticiteit en religieus beleven.’’ Smout vermoedt dat dit ook geldt voor de meeste bezoekers van passieconcerten. ,,Ook niet gelovigen ervaren door de muziek vaak een bepaalde spiritualiteit. Het artistieke tilt mensen daarbij naar bronnen waarvan ze zeggen dat ze die niet of niet meer aanhangen. De artistieke beleving van passiemuziek gaat veel dieper dan de emotionele beleving bij een opera. Je hebt veel randgelovigen die alleen nog naar een liturgische dienst komen als die met cultuur wordt omkleedt.’’ Smout legt uit dat muziek, kunst, cultuur en liturgie dikwijls nauw samen hangen: ,,Vaak is de godsdienst de bron van inspiratie voor de muziek.’’ De musicus stelt daarbij dat passies in eerste plaats gecomponeerd zijn voor gebruik in de liturgie. ,,Jammer dat veel mensen die bronnen van de eigen cultuur niet meer kennen. Mensen zijn vervreemd van de bedoeling van kerkmuziek. Zo worden bijvoorbeeld in de passietijd nogal eens requiems uitgevoerd. Dat is pertinent fout, want requiems zijn geschreven voor de begrafenis van dode mensen, niet voor Onze Lieve Heer.’’ |
|---|